· 

Een In Memoriam Eddy Pieters Graafland door Peter van Herp

Eddy PG. EDDY PG. Die naam waarde voortdurend rond in ons huis. Als mijn vader Jopie Hiele af en toe weer had zien stuntelen verzuchtte hij de naam van de oud-doelman van zijn, en mijn, favoriete voetbalclub. “ Wie is dat dan pa? “, vroeg ik hem, Feyenoord voor het eerst, in het seizoen 1983-’84, een beetje volgend. Voorzichtig ging ik toen meekijken met mijn pa, zoon van ‘Zuid’, naar Studio Sport zondagavond om 19.00 uur. “ Die man, jongen “ sprak mijn vader dan “ is waarschijnlijk de beste doelman die we bij Feyenoord gehad hebben “. “ Beter als Joop Hiele, pa? “ vroeg ik weer. “ Veeel beter! ” antwoordde hij. Voor mijn vader was er, tot aan Edje de Goey, geen betere geweest. “ En Adri van Male dan? “ stelde ik, heel veel jaren later toen ik inmiddels zelf een echt fervente 010-supporter was geworden. Een frons in zijn doorleefde gezicht was duidelijk te zien. Nou, daarvoor moest hij wel erg ver in zijn geheugen graven. Ja Henkie Bijl (van Male’s opvolger eind jaren ’40), dat wist tie nog wel. Ook een hele goeie en best ook spectaculaire. Mijn vader was weliswaar al in 1949, toen hij zeven was, samen met zijn twee jaar oudere broer voor het eerst, “ illegaal “, in de Kuip geweest maar ja, op die leeftijd ben je nog niet echt bezig met namen, bijbehorende rugnummers en dergelijke. Dus van Male, dat zei hem niet zoveel. Maar pas rond eind jaren vijftig begon mijn vader echt heel frequent zijn club te bezoeken. En omdat Amsterdammer en Ajacied Eddy Pieters Graafland in 1958 naar de Kuip kwam is het misschien logisch dat mijn vader hem het meest bewust heeft meegemaakt.

 

Anders dan Henk Bijl was Graafland geen ‘showman’ in het doel. Zijn acties waren soms zeker mooi om te aanschouwen maar dat was, anders dan bij van Bijl (het ‘van’ werd naar goed Rotterdams gebruik nogal eens weggelaten), nooit bedoeld om het er meer aantrekkelijk te laten uitzien. Het ging bij Graafland altijd uiteindelijk om het resultaat. En als dat soberheid vereiste dan was dat ook geen enkel probleem. Zijn er dan na Graafland niet meer zulke goede keepers geweest? Nee, volgens mijn vader. De club (Feyenoord dus) heeft altijd goede keepers gehad maar zo goed als Eddy PG (ook een in de volksmond ontstane naamverkorting) had hij ze niet meer gezien. Zelfs Edje (de Goey dus) niet. Eddy Treijtel (op zijn beurt weer Graafland’s opvolger) was natuurlijk ook geen kattenpis maar toch, zoals Graafland was er geen tweede. Het één en ander was natuurlijk gekleurd door herinneringen aan een glorietijd. In de jaren 1958-’71, toen mijn vader bijna elke twee weken in het stadion zat, was Feyenoord uitgegroeid tot misschien wel de succesvolste ploeg van ons land. Vijf landskampioenschappen, twee KNVB-bekers (in 1965 en ’69 werd de dubbel gewonnen), een Europa cup 1 en een wereldbeker. Als je als supporter van je club zoveel successen meemaakt ben je al gauw geneigd allerlei zaken te idealiseren en al je favoriete spelers te verheffen tot onfeilbare grootheden. Maar het moet gezegd worden, niet alleen de supporters maar ook de ‘professionals’ van de KNVB (hoeveel club -en of bondsbestuurders hebben daadwerkelijk een voetbal-achtergrond? Doorgaans zijn dat er maar heel weinig) hadden Graafland hoog zitten want bijna tien jaar lang was hij ook de vaste doelman van Oranje. Kortom, Eddy PG was echt wel een grote in het vaderlandse voetbal. Ongeveer 7 seizoenen speelde Graafland in het 1ste van Ajax voordat hij naar de aartsrivaal vertrok. Volgens hemzelf om de simpele reden dat Feyenoord, op dat moment in de geschiedenis, eind jaren vijftig dus, op voetbal- gebied verder was dan de club uit Amsterdam. Feitelijk bleek hij gelijk te krijgen. Feyenoord reikte bijvoorbeeld, in 1963, als eerste Nederlandse club tot de halve finale van de EC 1. Daarin sneuvelde het jammerlijk tegen het Portugese Benfica, op dat moment houder van die beker (Ze wonnen hem respectievelijk in 1961 en ’62). Zo had de club uit Rotterdam-zuid toch een visite-kaartje afgegeven over hoe ver een Nederlandse club al kon komen in dit nog kort bestaande maar al zeer prestigieuze toernooi. In het seizoen 1955-’56 werd het voor het eerst gehouden, Real Madrid won achtereenvolgend de eerste vijf edities tot aan 1960. In 1965 won hij met Feyenoord, na het kampioenschap van dat jaar, thuis in De Kuip in een loodzwaar bevochten duel vol fysieke strijd tegen diezelfde club met 2-1. Doelpunten van Hans Kraay senior en Hans Venneker. Ook bij dat beroemde en beruchte duel, u heeft vast de beelden ooit wel eens op t.v. voorbij zien komen, stond Graafland zijn doel te verdedigen.

 

Na dus de dubbel van 1969 kwam het hoogtepunt in zijn carrière, de Europa cup in 1970. Met na de overwinning op 6 Mei die massale huldiging de volgende dag op de Coolsingel. En omdat eigenlijk het hele seizoen daarvoor Eddy al met de pest in zijn lijf had rond gelopen (Ernst Happel had herhaaldelijk de voorkeur aan Treijtel gegeven) vond hij het eigenlijk wel welletjes zo. Het was mooi geweest. Was Graafland door zijn jeugd-opleiding bij Ajax en zijn eerste zeven profjaren aldaar in het eerste nou meer Ajacied gebleven of vanwege die 12 (nou ja, min of meer dus) seizoenen in De Kuip toch meer Feyenoorder geworden? Feyenoord-supporters zullen het laatste beweren maar Ajax-devoten oordelen natuurlijk anders. Eddy gaf zelf uiteindelijk op verschillende momenten in de jaren na zijn voetbal-loopbaan gewoon het definitieve antwoord: Vanwege zijn jaren in de jeugd en daarna in het eerste van de club opgericht in de Kalverstraat in 1900 zou hij zich altijd verbonden voelen met die club. Maar, zei hij, de mooiste jaren, heb ik toch beleefd in dat prachtige stadion aan het Van Zandvliet-plein in Rotterdam-Zuid. Uiteindelijk had hij dus warme gevoelens bij de club uit zijn jeugd en eerste profjaren en bij zijn langste werkgever in het voetbal. In de jaren na zijn stoppen in ’70 deed hij dan geregeld mee in wedstrijden van oud-Ajax én oud-Feyenoord. Hij bleef zeer welkom bij beide clubs en liet dan ook, in latere jaren, regelmatig zijn gezicht zien bij reünies in Amsterdam en Rotterdam. Als de supporters uit beide steden daar nou eens een voorbeeld aan zouden nemen. Natuurlijk vanwege zijn voetbal-verleden in de twee havensteden maar evengoed vanuit een nuchtere menselijke en sociale kijk op de maatschappij had Eddy PG sowieso een broertje dood aan dat hele 020-010 gedoe. De gezonde rivaliteit vond hij leuk en sportief gezien zelfs een soort van must maar juist ook de vriendschappen die hij in beide ‘kampen’ had opgebouwd koesterde hij oprecht. Eddy PG was een mooi mens. Vandaag kwam het bericht dat hij is overleden. Gisteren, op 86-jarige leeftijd. Gaan we deze ‘gentleman’ van het voetbal missen? Jazeker, net zoals vele van zijn clubgenoten die niet meer onder ons zijn. Ik noemde er kortgeleden al een aantal uit dat gloedvolle Europacup-jaar, 1970. Maar wat te denken van Reinier ‘Beertje’ Kreijermaat, Gerard Kerkum, Henk Schouten en Hans Kraay senior? De tijd is vergankelijk.Niets blijft hetzelfde. Alles verandert. In het voetbal al helemaal. De namen op een wedstrijdlijst. En eens moeten we ook afscheid gaan nemen van onze helden bij de favoriete club. Dat is de wet der natuur. Maar vergeten doen we ze nooit.

 

Rust zacht Eddy “PG”.....