Peet's (Eredi)Visie - column 25 - 05 mei 2020.

 

6 mei 2020. Een rare dag. Spoel terug naar 6 mei 1970. Een zeer feestelijke dag. Het eerste grote internationale succes van een Nederlandse voetbalclub wordt behaald. De Europacup 1, voor landskampioenen, is voor het eerst gewonnen in Nederland. Door Feyenoord uit Rotterdam. De club ‘ van Zuid ’. Maar op dat moment is het gewoon de club van en voor heel Rotterdam. En voor supporters in het hele land. Een dag later, op de 7de, stond de Coolsingel stampvol. Mijn pa stond er tussen. Zelfs hij, nuchtere jonge vent van Zuid (in juni dat jaar werd tie 28) die niet echt gevoelig was voor al te grote uitingen van voetbal-hysterie, voelde gewoon dat hij er nu bij moest zijn. Dit zou uniek zijn, zo wist hij. Net als vele andere duizenden, nee, tienduizenden supporters.

 

En uniek was het. Voor Feyenoord zelfs letterlijk. Nooit meer zou de club zelfs ook maar in de buurt komen van dat succes. Ajax zou ‘die cup met de grote oren’ (Leo Beenhakker’s woorden zoveel jaren later) gelijk hierna ook winnen. Zelfs drie keer op rij. En in 1995 (toen inmiddels Champions League geheten, en niet meer uitsluitend gespeeld door alleen landskampioenen) zelfs een vierde keer. In Wenen. In, notabene, het Ernst Happel-stadion! Maar Feyenoord was, en blijft, natuurlijk voor altijd de eerste. En voorlopig ook zelfs de laatste Nederlandse club die überhaupt een Europese beker heeft gewonnen. U weet ’t uiteraard wel, de Uefa-cup (inmiddels heeft dat toernooi ook alweer een andere naam gekregen) in 2002.

 

Daarom is het des te jammer dat er door de huidige stand van zaken in Nederland en de rest van de wereld (moet ik het nog noemen?) er geen uitgebreide viering van dit mooie jubileum kan plaatsvinden. De overlevenden van de selectie van dat mooie seizoen zullen ongetwijfeld contact met elkaar zoeken maar een groot reünie-feest en allerlei festiviteiten er omheen gaan jammer genoeg niet georganiseerd worden. Wat rest zijn de beelden, boeken, berichten in de (sociale) media en misschien een sporadisch interview met deze of gene die het hebben meegemaakt. Fans of misschien een oud-speler uit dat seizoen en van die finale. Willem van Hanegem, Wim Jansen, Eddy Treijtel, Ove Kindvall, Rinus Israel (die laatste twee uiteraard de doelpunten-makers in de finale), Piet Romijn, Henk Wery en Franz Hasil, ze zullen hier heus wel voor te porren zijn misschien. Maar het blijft surrogaat natuurlijk.

 

Wat had ’t niet mooi geweest als er een fijne receptie met sprekers, mooie live-muziek en warme gesprekken tussen al die oud-spelers in het Maasgebouw (pal naast het stadion en daarmee verbonden via een looptunnel) had plaatsgevonden. En dan misschien nog een leuke manifestatie voor de fans in het stadion zelf. Met de spelers en de cup op het veld. Lee Towers die You Never Walk Alone galmt. Met gouden microfoon. Jacky van Dam die Hand in Hand Kameraden blèrt (sorry voor mijn woordkeuze, beste van Dam-liefhebbers). En het publiek, wat dan al waarschijnlijk licht of behoorlijk beschonken is maar wat deert het, zou meelallen. Het zou echt één grote happening worden. Oh ja, met een kanttekening: voor van Dam zou waarschijnlijk toch een andere zanger moeten worden gevonden, de goede man is al over de tachtig dus…Maar hoe dan ook, een groot feest zou het zijn. Met waarschijnlijk ook een moment van ingetogenheid waarbij aandacht zou worden gegeven aan het herdenken van de overledenen, ik heb ze pas nog genoemd: Coentje Moulijn, Cor Veldhoen, Theo Laseroms, trainer Ernst Happel en pas nog Eddy “ PG “ Pieters Graafland. Maar verder veel lachen, drinken, grappen maken, elkaar joviaal begroeten en op de schouders slaan en herinneringen ophalen aan, en warme gevoelens koesterend over, dat grandioze seizoen.

 

Dat alles kan nu dus niet. Net zoals ook de kans ontnomen is op een misschien wel prachtig seizoen met als eventuele prijzen de beker èn de landstitel na het allerlaatste fluitsignaal op speeldag 34 van seizoen 2019-’20. Een nieuwe huldiging in het stadion èn op, weer, een bomvolle Coolsingel. Het zou zo mooi zijn geweest. Maar helaas, het mag niet zo zijn.

 

Als deze crisis enigszins bezworen is het nog steeds een optie om ieder geval 50 jaar Europacup-winst te vieren. Maar de magie, het moment, van die bewuste, oh zo historische datum is dan uiteraard allang gepasseerd. Geste voor in de laatste zomermaand:  Maak er gewoon een dubbele viering van! Want in september 1970, de 9de om precies te zijn werd in de Kuip de winst van de Wereldbeker veilig gesteld door die prachtige lange schuiver van de toen 22-jarige Joop van Daele (u weet wel, van dat befaamde bril-moment). Twee vliegen in één klap! Een nog groter feest! Het is best een aardig idee vind ik. En hebt je ook nog steeds de kans op heel mooi weer. Een toch wel belangrijke bijkomstigheid dunkt mij. Alles is nog mogelijk wat dat betreft. Later dit jaar dus misschien?

 

Daarentegen kun je het huidige seizoen uiteraard niet meer over doen. Kan Feyenoord de prestaties een vervolg geven in 2020-’21? Dat Dick Advocaat heeft bijgetekend is op zich niet slecht. Gezien de stand van zaken ten tijde van het stopzetten van alle competities is het logisch dat het vertrouwen in Dick groot is. Maar hij is al wel over de zeventig. Kom ik weer terug bij mijn mening, hier in een eerdere column uitgesproken, dat  men er, wat mij betreft, voor het komend seizoen beter aan had gedaan om met een jonge trainer in zee te gaan. Dan had er weliswaar weer nieuwe gewenning en chemie moeten groeien tussen spelers en trainer maar had je ook aan een nieuw plan van opbouw kunnen werken.

De continuïteit die het aanblijven van Dick garandeert is wel positief maar wie zegt dat er opnieuw hetzelfde gepresteerd gaat worden? Men hoopt met Dickie echt dat er wordt meegestreden om de landstitel. Ik heb daar toch mijn twijfels over.

 

Er gaan ongetwijfeld spelers weg, dat is bijna zeker. En de nieuwe die je ervoor terug krijgt, daarvan weet je niet of ze over dezelfde of zelfs betere kwaliteiten beschikken. Want uiteindelijk moeten de mannen van Feyenoord 1 het op het veld laten zien. Een trainer kan invloed hebben. Maar uiteindelijk kan hij de wedstrijd niet voor ze winnen. Dat moeten de spelers toch zelf doen. Een contradictie, hoor ik u denken. Eerst beweer je dat er met een nieuwe, jongere trainer vers elan komt en vervolgens dat het uiteindelijk dus niet zoveel uitmaakt wie er voor die groep staat! Ja beste mensen, dat is volgens mij nou precies de spagaat waarin het voetbal zich vaak bevindt. Moet je juist kiezen voor iemand met (veel) ervaring om voor een spelersgroep te zetten? Of moet je iemand kiezen die jong van geest èn lichaam is en zijn selectie nieuwe ideeën kan bijbrengen? De veelgehoorde opmerking daarbij dat een trainer dus ook niet te veel in leeftijd met zijn selectie moet verschillen is ook een factor. Er zijn voorbeelden van. Trappatoni die als een gek tekeergaat tegen zijn Bayern München-selectie en hen luiheid verwijt. Een selectie die in gemiddelde leeftijd bestaat uit jonge mannen die zijn kleinzonen hadden kunnen zijn. Leo Beenhakker die, ettelijke jaren na zijn succes in 1999 (landstitel), kortstondig terugkeert als ad interim bij Feyenoord en op onvolprezen karakteristieke Don Leo-manier verzucht dat die ‘gassies’ vaak niet vooruit te branden zijn. Jonge mannen van in de twintig terwijl hijzelf toen al begin zestig was.

 

En aan de andere kant juist het voorbeeld van een 42-jarige Giovanni van Bronkhorst. Die in zijn eerste twee seizoenen als hoofdtrainer met een dwingende maar toch ook relaxte aanpak de ervaring van zijn spelers-loopbaan bij internationale top-clubs als Arsenal en FC Barcelona meebrengt en daarmee vrijwel onmiddellijk succes oogst. Wat heet, hij wint meteen twee prijzen. Eerst de beker en het seizoen daarna die zo langverwachte 15de landstitel. Allebei bij ‘zijn’ Feyenoord. Ik bedoel maar te zeggen, het kan echt lonen om met een jonge, het zij zelfs wat onervaren trainer in zee te gaan. Maar goed, we gaan voorlopig (het nieuwe seizoen in ieder geval) door met Dick ‘ De kleine Generaal ‘ Advocaat. En ook ik steun hem daarin. Vanaf de zijlijn, wel supporter maar zonder invloed, kan je natuurlijk ook niet veel anders.

 

Maar eerst en vooral hoop ik dat de oude giganten, grootheden van weleer, toch nog hun feestje dit jaar krijgen om hun moment, of eigenlijk momenten te kunnen gaan vieren. Even terug in de tijd, toen op 6 Mei en 9 september 1970 de twee grootste internationale prijzen in het Europese en mondiale clubvoetbal werden binnen gesleept. Ik hoop het van harte. Duimen maar. Alle goeds en groet van deze Feyenoorder in hart en nieren.

 

Tot de volgende week.

 

Geschreven door Peter van Herp.