Peet's (Eredi)Visie - column 31 - 15 juni 2020.

Voetballers die trainers worden. Sommigen zijn succesvol, anderen weer niet of nauwelijks. Deze week leg ik er weer een aantal onder de loep. Te beginnen waar ik vorige week min of meer was geëindigd. In Rotterdam-zuid bij Feyenoord. Willem van Hanegem, volgens velen één van de beste middenvelders uit de vaderlandse voetbal-geschiedenis, was begonnen in de amateur-wereld bij Wageningen alvorens zijn eerste prof-klus te aanvaarden in de Kuip. Om meteen kampioen te worden!

 

Alvorens het verhaal bij de rood-witten van 1908 te vervolgen gaan we eerst weer even naar de gelijk gekleurden van 1888. Zij van Rotterdam-west, Sparta dus. Want vorige week schreef ik over het feit dat de gebroeders de Nooijer na een korte stage in de jeugd aldaar weer hun weegs gingen, vlak nadat ik mijn column had geschreven kwam dus het nieuws de wereld in dat Gerard als assistent-trainer van Henk Fraser aan de slag gaat! Mooi dat hij dus weer terugkeert op het oude nest. Volgt broer Dennis binnenkort om ook weer iets bij ‘zijn‘ club te gaan doen? De toekomst zal het uitwijzen. 

 

Om weer even terug te keren naar Feyenoord: Daar zijn naast ‘De Kromme’ nog een aantal oud-spelers als trainer van het 1ste gaan werken. En twee daarvan waren net als Willem basis-spelers van het EC 1-elftal van 1970. De eerste, aanvoerder tijdens die historische finale in Milaan (en tijdens dat hele seizoen 1969-’70 al), ‘Ijzeren’ Rinus Israel, ging in 1986 aan de slag. Helaas bleek de aanpak van de altijd wat cynische, nurkse noord-Amsterdammer niet goed aan te slaan en gedesillusioneerd vertrok hij twee seizoenen later alweer bij zijn oude club. De speler die het minst bestand leek tegen diens harde aanpak en nog voor Israel’s vertrek al naar Italië verhuisde om bij Pisa te voetballen was Mario Been. De club waar een jaar of vijf daarvoor Wim Kieft zo populair was geworden leek ondanks dat ‘Mariodonna’ s (Been’s koosnaampje van de supporters vanwege zijn technische voetbal-kwaliteiten) periode in de stad met die scheve toren niet echt succesvol was toch een goede keuze van de kleine dribbelaar van ‘Zuid’. Waar hij altijd toch ietwat ‘gepemperd’ werd in De Kuip omdat hij een kind van de club was, leerde hij in het hardere Italiaanse voetbal wat het echt inhield om prof-voetballer te zijn. Kon hij eerder gewoonweg niet omgaan met de toch ook zeer stevige aanpak van een super-prof als Israel, nu leek hij er beter tegen bestand en werd hij hier dan ook echt volwassen. Het één en ander zal toch ook te maken hebben gehad met de vreugdevolle, emotionele levensstijl van de gemiddelde Italiaan in dat toch vaak zonovergoten land met z’n deksels lekkere eten! Wat desnoods nog om negen uur ’s avonds werd genuttigd! Toch echt heel wat anders dan het calvinistische Holland waar men toch vaak met de klok leeft en om stipt zes uur ’s avonds spruiten met jus en varkenslappen op tafel zet. Dan ben je bereid om op de dag bij je club de hardere atmosfeer te accepteren en er vol voor te gaan.

 

In dat toch wel harde prof-klimaat in het Zuid-Europese land leerde Been om serieuzer met zijn vak van broodvoetballer om te gaan. Is hier dan de kiem gelegd voor zijn latere trainers-carrière? Mij dunkt dat het er zeker toe zal hebben bijgedragen. De ‘Pietje Bel ‘ van weleer veranderde in de loop der jaren in een serieuze oefenmeester. Maar ook weer niet tè, er moest ook op trainingen af en toe wel gelachen kunnen worden! Na een aantal omzwervingen kwam hij uiteindelijk in 2009 bij Feyenoord terecht, ‘zijn’ Feyenoord. Eerst nog als assistent-trainer van ‘Don’ Leo Beenhakker (zijn trainer in de jeugd van ’010’ en de man die hij simpelweg als

zijn voetbal-vader beschouwt) en later Bert van Marwijk. Met beiden had hij een geweldige ‘klik’ en was de werkrelatie dan ook uitstekend. En met beide trainers won hij grote prijzen. Met Beenhakker (net als Mario ook een ‘kind van Zuid’, namelijk net als zijn pupil geboren in Charlois) won hij de landstitel in 1999 en met van Marwijk de Uefa-cup in 2002. Later ging hij als hoofdtrainer aan de slag bij bijvoorbeeld NEC uit Nijmegen en was redelijk succesvol.

 

In 2009 volgde dan, denk ik toch, zijn droomjob: hoofdtrainer in De Kuip! Helaas bleek de slangenkuil die Feyenoord op dat moment weer leek te worden een te zware kluif voor de man wiens wieg stond in de Bonaventurastraat. Slechte resultaten en (onterecht) muitende spelers creëerden uiteindelijk een sfeer waarin het onwerkbaar was geworden voor Mario en na de ontluisterende 10-0(!) nederlaag zag hij zijn droom om nog jarenlang in De Kuip te werken definitief in duigen vallen. En net als eerder zijn voormalige trainer Rinus Israel vertrok ook hij, een illusie armer, vol onvrede uit De Kuip.

 

Iemand wiens optimisme nooit lijkt te breken en dat perfect weet over te brengen en juist daarvoor uiterst geknipt lijkt als trainer is Ruud Gullit. De voormalige ster-speler van met name AC Milan (of dus Milaan) en Oranje ging na zijn laatste voetbaljaar, of eigenlijk al tijdens, meteen aan de slag als hoofdtrainer. Dat was in Londen, Engeland bij Chelsea. Speler-trainer dus. Een ongewone constructie misschien maar zeker legitiem. Het komt alleen niet vaak voor. In dat laatste spelers- en eerste trainersjaar kon hij al voorzichtig ervaring opdoen wat hem in zijn eerste, echte seizoen als full time-trainer goed van pas kwam. Hij oogstte dan ook meteen succes want uiteindelijk bereikte hij aan het eind van de rit meteen zijn eerste succes, de zo beroemde Engelse nationale beker, de FA Cup.

In zijn tweede seizoen in Londen waren de resultaten wat minder en lag hij regelmatig overhoop met Ken Bates, de scrupuleuze, zakelijke keiharde voorzitter van de club die de zo beminnelijke, zelf zachtaardige maar zakelijk ook zeer succesvolle Matthew Harding opvolgde nadat deze verongelukte met zijn privé-helikopter. Vervolgens begonnen er dingen in werking te komen waardoor er voor ‘De zwarte Tulp’ een onwerkbare situatie werd gecreëerd. Met name het gekonkel van ster-spelers Gianni Vialli en Gianfranco Zola met Bates ‘waarbij zij alleen aan de bel trokken omdat het niet anders kon en wat het beste was voor de club’ heeft Ruud destijds diep geraakt. Gefrustreerd omdat hij onder deze omstandigheden nog onmogelijk zijn werk kon doen en diep gekwetst door mensen die hij als zijn vrienden beschouwde (Vialli en Zola dus) besloot hij per direct op te stappen. Hij beschouwde het handelen van de twee Italianen als verraad en een dolksteek in de rug. Dat leek enigszins pathetisch en overdreven omschreven door Gullit maar niet veel later bleek hij het toch bij het rechte eind te hebben. Slechts luttele dagen later werd Vialli aangesteld als trainer! Met Zola als zijn assistent! Ze waren dus op niets minder dan zijn baantje en positie binnen de club uit geweest. Met instemming van de evenzo manipulatieve en intrigante Bates! Niet lang hierna ging Ruud aan het werk als ‘Manager’ (zo worden trainers in Groot-Brittannië doorgaans genoemd, in de rest van de wereld is dat meer een duiding voor iemand die een bestuurlijke functie heeft, dan wel één persoon zakelijk behartigd etc.) bij Newcastle United (waar met name oud-PSV trainer wijlen Bobby Robson voor zijn Eindhovense periode veel succes heeft gekend) en haalde ook met deze club de finale van de FA Cup!

Helaas verloor hij ditmaal maar het bewees wel dat Ruud gevoel had voor het trainerschap.

 

Fast forward naar 2006: Waar heeft Ruud z’n eerste successen als club-speler gevierd en werd hij aldaar voetballend in korte tijd ook een nationale ster? En heeft hij voor die bewuste club en z’n trouwe medewerkers nog steeds warme gevoelens? Inderdaad ja, in Rotterdam-zuid. Bij Feyenoord. Dus toen hij het aanbod kreeg om eindelijk na al die jaren in De Kuip als trainer te gaan werken nam hij dat met beide handen aan. En hoewel hij in de eerste periode van de competitie best goede resultaten boekte werd door sommige (wissel!)spelers alweer gauw kritiek geuit en bij het bestuur aangeklopt. De geschiedenis leek zich dus te gaan herhalen voor de Amsterdammer. Toen door al deze strubbelingen de klad qua resultaten er toch in kwam verzuchtte Ruud voor de camera’s van Studio Sport de nu legendarische woorden: “Ik ben niet te benijden“. Of Ruud nu de juiste weg had ingeslagen met zijn oefeningsstof of dat hij zijn eigen capaciteiten

uiteindelijk toch ietwat had overschat, het blijft jammer dat hij hierdoor alweer snel vertrok uit Rotterdam-zuid. Had er meer ingezeten? Ik wil dat wel geloven ja. Als het bestuur hem langer de tijd had gegund en niet hun oren had laten hangen naar het gemopper en achterbaks geroddel van ontevreden selectie-leden dan had Ruud zeker nog mooie dingen kunnen bereiken met Feyenoord 1. Of is dat achteraf het verleden mooier afschilderen dan het daadwerkelijk is geweest? Hoe dan ook, ik vond het jammer dat de sympathieke Surinaams-Nederlandse voetbal-vedette alweer zo gauw afscheid nam van het rood-witte shirt waarin hij

samen met Willem van Hanegem en Johan Cruijff (en eerder genoemde Mario Been) ooit in De Kuip speelde. En kampioen mee werd en de beker won.

 

Na Israel en Been was hij dus helaas de derde ex-speler van Feyenoord die het in De Kuip niet kon waarmaken. Maar er is nog een ex-speler van het zo succesvolle EC 1-team van 1970, zoals ik eerder in deze column meldde die als trainer werkzaam is geweest bij de club van Coen Moulijn en Puck van Heel! En niet zomaar één! Hierover volgende keer zeker meer!

 

Tot de volgende week!

 

 

Geschreven door Peter van Herp